15 jaar Nederlandse Overheid Referentie Architectuur (deel 1)

Hoe het begon… een persoonlijke reconstructie door Guido Bayens

Ter gelegenheid van de viering van “15 jaar NORA” werd mij gevraagd te vertellen hoe de NORA is ontstaan. Dat heb ik met veel plezier gedaan. Hieronder staat mijn persoonlijke reconstructie van deze beginjaren. Soms kon ik gebruikmaken van de originele documenten, soms noodzakelijkerwijs van mijn geheugen. Daardoor kunnen details afwijken van de werkelijkheid of de herinnering van andere betrokkenen. Net zoals de eerste versies van de NORA tot stand zijn gekomen, nodig ik de lezer uit om eventuele correcties of aanvullingen te leveren.

1. Prelude 2002 – 2005

In deze periode werd in opdracht van het Ministerie van Binnenlandse Zaken werd onder leiding van een drietal hoogleraren door een groep bedrijfs- en informatie-architecten een raamwerk voor de overheidsarchitectuur ontwikkeld. Dit raamwerk was een vereenvoudigde versie van het in 1987 door Zachman gepubliceerde artikel “A Framework for Information Systems Architecture”. Ik kom hier zo op terug.

Een tweede ontwikkeling in de aanloop naar de NORA heeft te maken met het ontstaan van UWV, de organisatie die in 2002 ontstond door de samenvoeging van een aantal grote uitvoeringsorganisaties in de sociale zekerheid: GAK, DETAM, BVG, GUO, USZO en LISV. Ik was in 2001 Hoofd Architectuur van het GAK geworden. In de aanloop naar deze fusie, werd door bedrijfs- en informatie-architecten gewerkt aan het opstellen van een referentie-architectuur, op grond waarvan deze uitvoeringsorganisaties tot één samenhangend bedrijf kon worden gemaakt. We maakten, met andere woorden, de bedrijfskundige en informatiekundige ‘bouwtekening’ van het nieuwe UWV: diensten, processen, organisatie, applicatielandschap en infrastructuur.

Na het ontstaan van UWV werden op hoog niveau samenwerkingsafspraken gemaakt met de Belastingdienst en met de toenmalige Centra voor Werk & Inkomen. Voor een goede samenwerking is het van belang dat diensten logisch op elkaar aansluiten, processen naadloos met elkaar verbonden kunnen worden en de informatieoverdracht op goede standaarden kan plaatsvinden. De drie betrokken organisaties, UWV, Belastingdienst en CWI hadden natuurlijk elk hun eigen historie op het gebied van dienstverlening, processen en informatiehuishouding, dus de vraag drong zich op van welke standaarden en afspraken we uit zouden moeten gaan. Losse bedrijfsreferentie-architecturen schieten dan tekort. En daarmee was de gedachte geboren dat we binnen de overheid een stelsel van afspraken en standaarden zouden moeten ontwikkelen om ketensamenwerking en gezamenlijke dienstverlening aam burgers en bedrijven beter mogelijk te maken.

2. Met grote vreugde geven wij kennis… 2005 – 2007

Met het idee van een overkoepelende architectuur in het achterhoofd besloot ik de stoute schoenen aan te trekken en nam ik contact op met de Directeur van ICTU, Siep Eilander. In een gesprek in een wegrestaurant deed ik mijn idee voor het ontwikkelen van een overkoepelende overheidsarchitectuur uit de doeken. Het idee viel in goede aarde: “Kom het maar doen” was zijn reactie. Even later zat ik tegenover Michel Bouten, die als programmamanager aan ICTU was verbonden. Ik nam afscheid van UWV en ging met een klein team vanuit ICTU werken aan de eerste versie van de NORA.

Michel Bouten zorgde voor de bestuurlijke afstemming met onder andere het ministerie van BZK en EZ. Ook zorgde hij voor de nodige contacten met vertegenwoordigers van andere bestuurslagen, zoals gemeenten en provincies.

De eerste versie van de NORA is tot stand gekomen met bijdragen van de volgende personen:
• Michel Bouten, Manager Programma Architectuur elektronische overheid (ICTU)
• Guido Bayens, Lead architect NORA (Novius)
• Birgitte van Starrenburg, architect (Capgemini)
• Paul Oude Luttighuis, architect (TNO)
• Hans Tönissen, architect (Van de Geijn Partners)
• Peter Holierhoek, architect (IBAS / Ordina)
• René van den Assem, architect (VKA)
• Peter Scheffel, architect (VKA)
• Bram Gaakeer, architect (LogicaCMG)
• Hans Baten, architect (Capgemini)

Om de communicatieve waarde van de modellen op een hoger niveau te brengen, werd een professionele ontwerpster ingeschakeld. Zij heeft de symbolen ontworpen, die we sindsdien in allerlei architectuurdocumenten zien opduiken. De vormgevingsafspraken voor de modellen zijn later opgenomen in de “Handreiking NORA-overzichtskaarten; Richtlijnen voor het maken van NORA-conforme architectuurplaten” (juni 2009).¹

Versie 1.0 is gedateerd op 27 september 2006.

Bij het opstellen van de NORA baseerden we ons op het eerdergenoemde vereenvoudigde Zachman raamwerk, dat al snel het NORA-Raamwerk werd genoemd.

Dit raamwerk is gebruikt als ‘kapstok’ om de juiste verbanden aan te brengen binnen de verschillende architecturale aspecten. En dus gingen we op basis van dit raamwerk principes formuleren en daarbij zoveel mogelijk keuzes voor standaarden en oplossingen aanreiken. We hebben daarbij ook dankbaar gebruik gemaakt van de eerdergenoemde UWV-referentie-architectuur.

Omdat werken onder architectuur bepaald geen gemeengoed was binnen grote delen van de overheid, hebben we veel ‘uitleg’ en bijlagen toegevoegd, waardoor de omvang van de NORA opliep tot zo’n 200 pagina’s.

We besloten een conferentie te organiseren om deze eerste versie van de NORA in bredere kring te bespreken. Tot onze verbazing – maar ook wel blijdschap – kwamen er wel een kleine 100 deelnemers op af. Dit succes smaakte naar meer. Mede op basis van ontvangen feedback, gingen we werken aan de 2.0-versie.

Inmiddels was er een klankbordgroep ontstaan, bestaande uit architecten van verschillende afkomst: Ministeries, vanuit programma’s als EGEM, E-Provincie, Stroomlijning Basisgegevens, Waterschapshuis, Manifestgroep, enzovoorts. Een groep van ongeveer 20 personen, die maandelijks bijeenkwam en waarmee steeds aspecten van de (gewenste) overheidsarchitectuur worden besproken. De resultaten hiervan werden verwerkt in de tweede versie van de NORA.

Soms moet je een beetje geluk hebben. Tegen de tijd dat de 2.0-versie klaar was, maakt de onlangs aangetreden nieuwe Regering een ‘rondje door het land’ om zodoende kennis te verwerven van maatschappelijke ontwikkelingen en vraagstukken. En zo kon het gebeuren dat Staatssecretaris Ank Bijleveld – Schouten een bezoek zou brengen aan het jaarlijkse congres “Overheid en ICT”. We konden regelen dat in de marge van dit congres, we de 2.0-versie officieel mochten aanbieden aan de Staatssecretaris. Dit vond plaats op 25 april 2007. En zo kregen we aandacht op hoog bestuurlijk niveau.

We begrepen dat topambtenaren en bestuurders natuurlijk niet zelf de NORA zouden lezen en daarom hebben we in september 2007 “NORA toegelicht”, een document van 18 pagina’s en een toelichting voor bestuurders van 2 pagina’s opgesteld.

Het aantal te behandelen onderwerpen in de NORA bleef groeien. Zo ontbraken nog hoofdstukken over informatiebeveiliging en geo-informatie. In het kader van “kennis halen waar het zit’ werd met succes een beroep gedaan op de beroepsvereniging van Informatiebeveiligingsdeskundigen en geo-Novem. Zo werd de basis gelegd voor meer gespecialiseerde katernen.

Het bleef niet bij de NORA. Vanuit het programma EGEM (E-gemeente) was parallel gewerkt aan de ontwikkeling van een op gemeenten toegespitste architectuur. Door goede onderlinge afstemming kon de Gemeentelijke Modelarchitectuur (GEMMA) gezien worden als de eerste ‘dochter’ van NORA. Zoals we weten zou het daarbij niet blijven. Vanuit het NORA-programmateam is ook gewerkt aan de Modelarchitectuur Rijksdienst (MARIJ) en in de wereld van de provincies begon PETRA het licht te zien. Nog vele dochters zouden volgen. Aan een belangrijk deel van hen, werd meegewerkt door de leden van het oorspronkelijke NORA-team. En zo ontstond de dochterrijke NORA-familie.

3. NORA wordt ‘salonfähig’  2007 – 2009

In deze periode werd gestreefd naar het creëren van verdergaand bestuurlijk draagvlak onder de NORA. De 2.0-versie werd hiervoor ongeschikt geacht: Te dik en te veel afgestemd op de vakkennis van bedrijfs- en informatie-architecten. Daarom kreeg de 3.0-versie een ander karakter: De oorspronkelijke 20 fundamentele principes werden teruggebracht tot 10 basisprincipes en de 140 afgeleide principes werden teruggebracht tot 40. In NORA 2.0 werden principes ook verbonden met ongeveer 200 nationale en internationale standaarden. Hierdoor werd ook zeer concreet richting gegeven aan de standaardisatie van de informatiehuishouding van de Nederlandse overheid. Deze verwijzingen maakten niet langer deel uit van de 3.0-versie van de NORA.

Door deze sterke vereenvoudiging kon Staatsecretaris Bijleveld op 17 augustus 2009 aan “alle mede-overheden: gemeenten, provincies en waterschappen” het volgende laten weten: “Op advies van het College Standaardisatie acht ik de bijgesloten referentie architectuur vanaf heden leidend voor de informatie architecturen in het gehele overheidsdomein. (Originele cursivering – GB). (…..) Het document is geschreven voor bestuurders van organisaties die overheidstaken uitvoeren, maar in het bijzonder voor de portefeuillehouders informatiebeleid. Uit de openbaar uitgevoerde consultatie van dit document door het ICTU-programma Renoir en uit het traject van de NORA langs het Standaardisatie Forum en -College, is gebleken dat deze nieuwe versie, beter dan de vorige versies, leesbaar en toegankelijk is voor bestuurders.”

Hier eindigt mijn reconstructie. In een tweede deel ga ik nader, meer opiniërend en adviserend, in op de toekomst van NORA.

 

[1] Nu nog te vinden op: https://www.noraonline.nl/wiki/NORA_beeldtaal

 


Wil je hierover meer weten? Neem dan contact op met Guido Bayens via gbayens@novius.nl of via het secretariaat van Novius door te bellen naar 0343 – 76 00 76.


Menu